Overleg ministerie van VWS rondom preventie

24 juni 2020

Op 27 november 2019 was er een symposium “Let’s Move On, samen verder werken aan een gezonde leefstijl in de GGZ”. Naast meerdere bijdragen vanuit de psychomotorische therapie was ook Staatssecretaris Paul Blokhuis aanwezig om de politieke visie op de GGZ en de rol van preventie hierin toe te lichten. Tegelijkertijd was dit het moment dat Menzis als zorgverzekeraar besloten had vaktherapie niet meer te vergoeden vanuit het aanvullende pakket.
Dit is aangegrepen als moment om een vraag te stellen aan de staatssecretaris over de positie en waardering van de psychomotorisch therapeut als beroepsgroep onder de aandacht te brengen.
Hierop heeft de staatssecretaris verzocht een korte notitie op te stellen. Dit is gedaan in samenwerking met Jooske van Busschbach, Thomas Scheewe, Jeroen Deenik, Norbert Nijland en Pim Hoek.

Een kort citaat uit de notitie:
“Psychomotorische therapie heeft binnen de GGZ bij uitstek expertise om cliënten, door middel van bewegings- en lichaamsgerichte interventies, te begeleiden richting een duurzame, betere leefstijl. Juist om preventief of bij laagcomplexe problematiek PMT als behandeling in te kunnen zetten, onder andere in het kader van leefstijlinterventies, is het nodig dat PMT ook in deze contexten een heldere (vergoedings)positie kent.”

Uiteindelijk is er in mei een afspraak geweest met het ministerie van VWS, en meer specifiek met de afdeling preventie. Hierbij waren Jeroen Deenik en Pim Hoek aanwezig namens de (NV)PMT.
Hoewel het begon met de vraag om nog eens uit te leggen wat psychomotorische therapie eigenlijk is en de formele uitleg over de processen voor erkenning via het Zorginstituut Nederland, de afspraken met zorgverzekeraars et cetera, was het een prettig gesprek.
Ook werden we gecomplimenteerd en aangemoedigd door te gaan met de vele verschillende perspectieven van waaruit we dit thema al op de kaart zetten. In (promotie)onderzoek en een strategische onderzoeksagenda, verbinding met GGZ instellingen, verbinding met PMT-opleidingen, scholing voor professionals en opdoen van ervaring in de praktijk rondom leefstijlinterventies of een bredere aanpak gericht op gezondheid en voorkomen van (verder) vastlopen van mensen.
Verder ontvingen we tips rondom onze aanpak en te verwachten ontwikkelingen vanuit VWS rondom leefstijl, zoals de focus op de relatie van leefstijl en depressie en de tip om een GLI (gecombineerde leefstijlinterventie) te ontwikkelen hierin in samenwerking met andere disciplines nemen we mee uit het overleg. Ook was er de gedeelde mening dat juist de combinatie tussen psychische problematiek (m.n. de GGZ, maar ook breder) en de waarde van bewegen, ontspanning en leefstijl een gebied is dat nog verder verkend en ontwikkeld moet worden in aanpak, organisatie en financiering.
Daarnaast is het vooral ook goed om in deze contexten bekend te zijn. Bijvoorbeeld was er 2 dagen later een overleg met het Zorginstituut Nederland en VWS en daar zouden ze ook een terugkoppeling geven over ons overleg. Ook was er de uitnodiging om elkaar op te hoogte te houden van relevante ontwikkelingen. Dat betekent dat we daarin ook de waarde van de psychomotorisch therapeut in de combinatie van leefstijl-interventies en psychische problematiek onder de aandacht kunnen blijven brengen bij het ministerie. 

Een kritische PMT-er die zich afvraagt of dit wel een onderdeel is of zou moeten zijn van ons beroep, nu en richting de toekomst, heeft daarin mogelijk een goed punt.
Tegelijkertijd zien we hierin ook een stevige ontwikkeling in vanuit het ministerie, zorgverzekeraars, het zorginstituut en breder ook maatschappelijk waarin het belangrijk is om nu mee te doen in de gesprekken en de ontwikkelingen. Daarmee kunnen we onze expertise delen en kenbaar maken en zijn we ook als beroepsgroep toegerust op een scenario in de zorg waar m.n. leefstijlinterventies, leefstijlgeneeskunde en een preventieve aanpak een vlucht gaat nemen in de zorg.
Dat betekent dat we hier nu vooral een goede positie als beroepsvereniging in willen krijgen en van daaruit de inhoudelijke discussie met de leden van de NVPMT kunnen voeren over hoe we onze beroepsgroep hierin kunnen en willen profileren.

 

Deel dit via:
Terug naar het nieuwsoverzicht